Boerboel

AD

De Boerboel staat in rasgroep ?? van de FCI lijst.

  • Kleur:
  • Geel, Grijs, Bruin

  • Vacht:
  • Kortharig, Zacht

  • Herkomst:
  • Zuid-Afrika

  • Schofthoogte:
  • 61 tot 70 cm

  • Gewicht:
  • 45000 tot 85000 Gram

De Boerboel lijkt op het eerste gezicht een ruwe waakhond, maar is een goede verdediger met een groot hart voor zijn familie en kinderen, maar ook andere dieren op het terrein. Het is een grote, sterke, forse hond met krachtige spieren. Zijn bewegingen moeten vlug en lenig zijn. Zijn bouw moet forser, zwaarder en groter zijn dan de boxer, maar weer lager in de benen dan de Deense dog.

Karakter

De Boerboel hecht zich niet aan één baas, maar beschouwt zijn familie als één geheel. Een onverschrokken hond die als het moet zijn mensen met zijn eigen leven verdedigt, maar die tevens rustig en gedwee alles toelaat wat de kinderen des huizes met hem aanvangen. De boerboel zal aanvoelen wie een gast is en wie een indringer. Hij zal weten wanneer zijn familie bang is of zich bedreigd voelt en hij zal met een grom duidelijk maken dat hij er is om hen te beschermen. De boerboel wordt gekenmerkt door een natuurlijke gereserveerdheid ten opzichte van vreemden en onverschrokkenheid op volwassen leeftijd.

Uiterlijk

Het hoofd moet groot en sterk zijn en recht tussen de oren. De bovenkaak moet sterk en breed aan de achterkant zijn met een kleine versmalling naar voren. De onderkaak moet breed aan de achterkant zijn met een kleine versmalling naar voren. En de onderkaak moet goed samenvallen met de bovenkaak en het liefst in een schaargebit. De lippen behoren los en vlezig te zijn. De neus moet zwart gepigmenteerd zijn.

Verzorging

De verzorging van de vacht vereist weinig aandacht. De vacht wekelijkse borstelen en tijdens de verharingsperiode met bijvoorbeeld een rubberen borstel de dode haren uit de vacht verwijderen. Verder is een regelmatige controle van oren en ogen belangrijk. De boerboel heeft elk jaar vaccinatie en een ontworming nodig.

Geschiedenis

Rond 1600 heeft de Nederlander Jan van Riebeek de bullenbijter mee naar de kaap genomen . Rond 1820 hebben de britse setelaars de langbenige Buldog en mastifachtige honden geimporteerd en gekruist met de "boerhond"die door de voortrekkers werd gebruikt als bewaker van huis en kuddes .